Lovina
zon en zee
Bali, Lovina!We hebben hier uitgerust, in een hotel aan de zee, met zelfs een zwembad. Het strand is heel smal, met zwart vulkaanzand, dus daar kijken we vooral overheen. Perfect uitzicht over de zonsondergang, en in de verte zien we de bergen van noord Bali. We zijn de enige gasten in het hotel, en worden goed verwend. Ook door de massage-dames, die elke dag langskomen. Ze nemen dan armbandjes mee, kettingen, en zelfs een watermeloen; goede PR! De keuken is ’s avonds gesloten, dus we eten meestal in Lovina. Vijf minuten met een Bemo, zo`n piepklein busje waar wel 15 man in kan. Lovina is flink toeristisch, met heel veel Hollanders natuurlijk. Intussen weten we steeds beter af te dingen, ook Gijs en Ollie zijn daar erg mee bezig. Ze snappen nu ook trucjes van de verkopers en van ons om tot een betere prijs te komen. Springen niet meer in een busje voordat de prijs rond is; zijn niet meer teleurgesteld als we weglopen zonder iets te kopen, maar snappen dat dat kan helpen een lagere prijs te krijgen. Een middag was ik met Ollie naar Lovina. De heenweg hebben we gelopen, tot het centrale pleintje van Lovina, waar we natuurlijk bestookt werden door verkopers van vanalles. Samen met Ollie lukte het goed af te dingen, ook bij het winkeltje waar hij iets heeft laten maken voor het zoontje van juf Madelon. Terug wilden we met een Bemo, gelukkig wist Ollie nog dat het hotel 2000pp had genoemd als normale prijs, maar dat we de vorige keer 5000pp hadden betaald. Ollie: “we betalen samen maximaal 5000 hoor”. De chauffeur van het aangehouden Bemootje vroeg 20.000pp! Wij boden 2000pp, hij moest lachen, maar toen we zeiden dan wel te gaan lopen, zei hij “oké, 5000 for two”. Ollie straalde! (voor de duidelijkheid: 1000 roepia’s is 10 eurocent…) Het blijft leuk, is meestal een spel, en zolang beide partijen blijven lachen is het prima. Soms voel je je wel erg afgezet, zoals bij de snorkeltocht die we deden. Een jongen van het hotel had een “friend” met een boot, en hij zou wel iets kunnen regelen. Het zou 20 min. varen zijn, hij zou snorkels, flippers en voor Floris en Teun zwemvesten hebben, en we zouden zolang kunnen snorkelen als we wilden. We kwamen na moeizaam onderhandelen tot een prijs die redelijk leek (20 euro), en na een half uur stond de “friend” in het hotel om alles te bevestigen en de maten van flippers en vesten te vragen. Het blijft altijd afwachten of dat lukt, maar het léék in orde. Eind van de middag werden we opgehaald, 10 min lopen over het strand naar de traditionele boot, daarna 5 min héél langzaam tuffen naar het koraal, dat nu bij eb op loopafstand van het strand was. De flippers pasten alleen bij Mijndert en mij, en de duikbrillen waren voor Floris en Teun zo groot dat ze er bijna in en mee verdronken, ondanks de zwemvesten, die natuurlijk veel te groot waren. Rustige zee, koraal was mooi, vissen genoeg, dat wel! Na een half uur riep de “friend” dat de tijd om was, maar natuurlijk konden we bijbetalen voor langer snorkelen! Alles wat we hadden afgesproken bleek een “miscommunication” helaas. Zulke dingen geven een minder goed gevoel, maar het hoort er kennelijk bij. ’s Avonds hebben we gegeten in het visrestaurant vlakbij het hotel, waar we de wonderlijkste vissen zagen in de koelboxen: prachtige kleuren en ook eenhoornvissen, we herkenden ze van het snorkelen… De baas was een neef van de “friend”, en vertelde trots dat hij de vissen zelf ving, soms met een harpoen. Je kon zelf uitkiezen welke op de BBQ ging, en je kreeg er rijst en groente bij, en veel chili en knoflook. We kozen een flinke, eentje die het meest op een gewone vis leek, en echt, het was heerlijk! Een van de dagen hebben we met chauffeur Madi rondgereden. Een prachtige dag omdat we een rondje door de bergen zijn geweest, tot Munduk. Daar was een waterval en een markt, en onderweg zagen we veel apen. De Ulun Danu tempel was prachtig: er was precies een ceremonie, de mensen zagen er prachtig uit, er was muziek, veel offers, wierrook, indrukwekkend. Zowiezo zijn er ontzettend veel Hindoe-tempels, grote, kleine, piepkleine, in de velden, in dorpen, op hekken van huizen en balkons, overal, en allemaal bedekt met kleurige doeken. En overal worden dagelijks offertjes neergelegd, piepkleine kunstwerkjes met mandjes, rijst, fruit, bloemetjes, vlees, soms zelfs met schaaltjes ketjap, soms zelfs een hele (dode) eend. Natuurlijk zijn de mannen ook weer eens bij de kapper geweest, en nu ziet iedereen er weer beter uit! Al met al zijn we in Lovina uitgerust en bijgekleurd. Vandaag heeft Ketut, de chauffeur die ons naar Lovina had gebracht, ons via een omweg naar Ubud gereden. Het had de hele nacht geregend, en `t bleef plenzen, meer Hollands dan tropisch! Gek genoeg was het aan zee juist zo helder dat we nu ook Java konden zien. Ketut is een erg leuke man, die goed Engels spreekt, en veel weet te vertellen over Bali. Hij nam ons mee naar een tempel, waar we eerst in stijl werden aangekleed met sarongs, en rijst en bloemetjes. Boven hadden we een fantastisch uitzicht tot aan de zee. Geweldig om door het binnenland en de bergen te rijden, nauwelijks toeristen, veel dagelijks leven. We zagen Gunung Batur en Gunung Agung, de actieve vulkanen, met het meer ertussen. Al met al een mooie tocht, en nu zijn we in Ubud. Onverwacht veel rustiger dan Lovina, waar we dag en nacht verkeer hoorden. We kijken hier uit over palmen en rijstvelden, en met die plenzende regen erbij is dat erg rustgevend!

Indonesië, Lovina | Door 


